Module 6 van 6

Bitcoin Basisprincipes

6.1 Van probleem naar protocol

Activiteitstype Verhalen vertellen – Begeleide discussie – Reflectie

Duur 45-60 minuten

Groepering Hele klas/Paren/Individueel

Beschrijving

Leerlingen luisteren naar het verhaal van Satoshi en het ontstaan van Bitcoin. Door middel van begeleide pauzes en discussie verbinden ze het verhaal met eerdere lessen over waarde, schaarste, tijd en energie, analoge versus digitale systemen, en veiligheid en privacy. De docent gebruikt een geprint “white paper” als rekwisiet om het moment waarop Satoshi zijn idee aan de wereld presenteert te dramatiseren. Leerlingen reflecteren op hoe Bitcoin begon als een voorstel, hard werk vergde om op te bouwen, en afhankelijk is van deelnemers om het netwerk in leven te houden.

Leerdoelen

Aan het einde van deze activiteit kunnen leerlingen:

  • In eenvoudige bewoordingen uitleggen wie Satoshi is.
  • Beschrijven wat een white paper is.
  • Het Genesis Block herkennen als het begin van Bitcoin.
  • Uitleggen waarom Bitcoin tijd, energie en gedeelde regels vereist.
  • Inzien dat netwerken blijven bestaan als mensen deelnemen.
Materialen
  • Geprinte versie van het verhaal (Zie Bijlage A)
  • Geprinte “White Paper” als rekwisiet (Zie Bijlage B)
  • Drie sleutelwoordkaarten: WAARDE - TIJD & ENERGIE - VERTROUWEN & PRIVACY (Zie Bijlage C)
  • Whiteboard en stiften
  • Exit-slips of kleine papiertjes
  • Fijn om te hebben: Geprinte afbeelding van een keten van blokken, kleine envelop met het label ‘BTC’
Apparatuur
  • Fijn om te hebben: Whiteboard of beamer (optioneel)

PROCEDURE

OPENING 
  • Print het verhaal en stop het “White Paper” rekwisiet in een envelop met het label BTC voor een dramatisch effect.
  • Schrijf op het bord: Wat gebeurt er als geldsystemen falen?
  • Bereid drie sleutelwoordkaarten voor: WAARDE • TIJD & ENERGIE • VERTROUWEN & PRIVACY.
  • Teken een eenvoudig “BANK – GESLOTEN” bord op het whiteboard om nieuwsgierigheid te wekken.
  • Selecteer vooraf 3–4 pauzemomenten in het verhaal voor begeleide discussie. 
VOORAFGAANDE ACTIVITEIT

5 minuten

  1.  Vraag aan de leerlingen: “Wat zou er gebeuren als een bank sluit en mensen niet bij hun geld kunnen?”
  2. Schrijf de antwoorden op het bord. Verbind kort met vorige hoofdstukken (Waarde, Schaarste, Vertrouwen)
  3. Leg Bitcoin nog niet uit. Bouw nieuwsgierigheid op.
  4. Laat de leerlingen de gesloten envelop met het label BTC zien.
  5. Zeg: “In deze envelop zit een idee dat geld voor altijd heeft veranderd.”

Doel in de woorden van de leerling

  •  “We gaan leren hoe Bitcoin is begonnen en waarom mensen ervoor kiezen het in leven te houden.”
ACTIVITEIT

20–25 minuten

Voorbereiding

  1. Leerlingen zitten in een kring of in een luisteropstelling.
  2. Houdt het geprinte verhaal en het white paper-rekwisiet vast.

Uitvoering

  1. Lees het verhaal hardop voor met een natuurlijk tempo.
  2. Pauzeer kort op belangrijke momenten:
    • Wanneer de bank sluit – Wat is het probleem?
    • Wanneer Satoshi laat doorwerkt – Waarom is inzet belangrijk?
    • Wanneer het white paper wordt gepresenteerd – Wat betekent het om een idee met de wereld te delen?
    • Wanneer het Genesis Block wordt genoemd – Wat betekent beginnen?
    • Wanneer het netwerk in leven moet blijven – Wie houdt het in leven?
  3. Houd de pauzes kort om de beleving te behouden.

Reflectie

  • Klassikale discussie:
    • Waarom heeft Bitcoin deelnemers nodig?
    • Wat gebeurt er als mensen zich niet meer aan de regels houden?
  • Verbind met eerdere hoofdstukken:
    • Waarde – Waarom moet Bitcoin schaars zijn?
    • Tijd & Energie – Waarom is Proof of Work belangrijk?
    • Analoog vs Digitaal – Hoe verschilt Bitcoin van papiergeld?
    • Veiligheid & Privacy – Waarom moeten we sleutels beschermen?
VERVOLG

2 minuten

  • Leerlingen maken één exitszin af:
    • Bitcoin begon toen ______.
    • Satoshi presenteerde ______ aan de wereld.
    • Het netwerk blijft in leven wanneer ______.
  • Verzamel de antwoorden.
  • Bereid de volgende activiteit voor door te vertellen dat we gaan ontdekken waar Satoshi naartoe is verdwenen.
AFSLUITING
  • Verzamel de exitbriefjes en eventuele reflectiebladen.
  • Vraag de leerlingen om de geprinte verhalen, promptkaarten en materialen terug te brengen naar de aangewezen plek.
  • Laat de leerlingen de stoelen netjes opstapelen of de zitopstelling terugzetten als deze was aangepast voor het verhaal.
  • Zorg dat het white paper-rekwisiet en de bijlagen veilig worden opgeborgen voor toekomstig gebruik.
  • Maak het lokaal klaar voor de volgende les of begeleid de leerlingen rustig naar de volgende geplande activiteit.

NOTITIES

Klassenmanagement
  • Stel duidelijke luisterverwachtingen.
  • Gebruik signaaltjes voor overgangen.
  • Houd de discussie gefocust en binnen de tijd.
Uitbreidingen & Tussendoor-activiteiten
  • Schrijf een brief aan Satoshi waarin je uitlegt hoe jij de toekomst van geld zou beschermen.
  • Teken het Genesis Block met drie symbolen: ketting, klok, slot.
  • Speel na hoe Satoshi het white paper presenteert.
Differentiatie
  • Jongere leerlingen: Maak de leesfragmenten korter en focus op probleem–idee–oplossing.
  • NT2/Toegankelijkheid: Leg vooraf de woorden uit: voorstel, genesis, netwerk, inzet, deelnemer.
  • Veiligheid: Geef voorbeeldzinnen voor de exitopdrachten.

Bijlagen

6.2 Satoshi, Waar ben je?

Activiteitstype Creatief schrijven – Samenwerkend leren – Dramatische kunst

Duur 60 minuten

Groepering Individueel / Kleine groepjes

Beschrijving

In deze les bouwen leerlingen een verhaal op met vier losse ideeën die op plakbriefjes zijn geschreven. Ze beginnen met het terughalen van het eerdere verhaal waarin Satoshi verdween en speculeren over waar hij naartoe zou kunnen zijn gegaan. Vervolgens bedenken de leerlingen vier ideeën aan de hand van begeleidende vragen en ordenen deze in een begin-, midden- en eindstructuur. Door gestructureerd delen en het ruilen van plakbriefjes, passen ze hun verhalen aan met nieuwe beperkingen. De les eindigt met een geschreven of getekende eindversie, of een korte dramatische rollenspel op basis van een door de klas gemaakte verhaallijn.

Leerdoelen

Aan het einde van deze activiteit kunnen de leerlingen:

  • Ideeën ordenen in een begin, midden en einde
  • Een logisch verhaal opbouwen uit losse elementen
  • Een verhaal aanpassen wanneer er nieuwe beperkingen worden geïntroduceerd
  • Deelnemen aan gestructureerd verhalen vertellen met klasgenoten
  • Samenwerken in een korte dramatische uitvoering
Materialen
  • Plakbriefjes (4 per leerling)
  • Stiften of potloden
  • Werkblad met drie kolommen: Begin / Midden / Einde (Zie Bijlage A)
  • Whiteboard
  • Timer
  • Handig om te hebben: Gekleurde plakbriefjes, timer
Apparatuur
  • Whiteboard
  • Stiften
  • Handig om te hebben: Bel of signaal voor overgangen

PROCEDURE

OPENING 
  • Maak ruimte op het whiteboard voor de latere indeling in drie kolommen.
  • Zorg dat de stiften beschikbaar zijn.
  • Controleer de signalen voor tijd en de groepsindeling. 
VOORAFGAANDE ACTIVITEIT

8 minuten

  1. Activeer voorkennis door te verwijzen naar het eerdere verhaal waarin Satoshi verdween.
  2. Vraag:
    • Waar denk je dat Satoshi naartoe is gegaan?
    • Waarom zou hij zijn vertrokken?
    • Wat zou er daarna gebeurd kunnen zijn?
  3. Neem korte antwoorden in ontvangst.
  4. Leg uit dat de leerlingen vandaag hun eigen verhalen gaan maken met kleine ideeën die samenhangen.
  5. Vraag één leerling om de opdracht in eigen woorden uit te leggen.

Doel in de woorden van de leerling

  •  “We gaan kleine ideeën omzetten in een volledig verhaal.”
ACTIVITEIT

30 minuten

Uitvoeren

  1. Materialen uitdelen – vier plakbriefjes per leerling en stiften. Leg de regel uit: één kort idee per plakbriefje.
  2. Ideeën genereren – Leerlingen reageren op de vier vragen:
    • Wat is jouw droombestemming voor een vakantie?
    • Als je één bitcoin had, wat zou je ermee doen?
    • Wat zou van een goede dag een slechte dag kunnen maken?
    • Wie is jouw held?
  3. Loop rond en zorg ervoor dat de antwoorden beknopt en leesbaar zijn.
  4. Deel het werkblad met drie kolommen uit. Leerlingen plaatsen hun vier plakbriefjes in Begin, Midden of Einde. Ze mogen meer dan één briefje in een kolom plaatsen.
  5. Verhaal opstellen – Leerlingen maken een kort verhaal met alle vier hun plakbriefjes. Eisen:
    • Duidelijk begin
    • Een verandering of probleem in het midden
    • Een einde dat laat zien wat er is gebeurd
  6. Leerlingen vormen groepjes van 3–4. Elke leerling vertelt zijn of haar verhaal. De luisteraars geven één korte opmerking over duidelijkheid of interesse.
  7. Elke leerling haalt één plakbriefje weg en geeft het door naar links. Leerlingen herschikken hun tijdlijn om het nieuwe idee op te nemen. Leerlingen passen hun verhaal aan en vertellen het opnieuw.

Optioneel: Herhaal het doorgeven nogmaals als er tijd is.

Controlepunt

  1. Wat is er veranderd in jouw verhaal?
  2. Was het makkelijker of moeilijker om het nieuwe idee toe te voegen?

Productie

Optie 1: Leerlingen schrijven een definitieve versie (oudere leerlingen) of tekenen een versie in drie panelen met bijschriften (jongere leerlingen).

Optie 2: Verzamel de plakbriefjes en bouw willekeurig een verhaallijn van de klas op het bord. In kleine groepjes maken leerlingen een rollenspel van 2 minuten met alle elementen van het bord. Na de optredens worden kort het keerpunt en het einde in elk verhaal benoemd.

NAZORG

2 minuten

  1. Herhaal en vat het geleerde samen.
  2. Vraag:
    • Waarom is volgorde belangrijk in een verhaal?
    • Wat maakt een midden sterk?
    • Wat is er veranderd tussen jouw eerste en laatste versie?
AFSLUITEN
  • Verzamel plakbriefjes en werkbladen.
  • Maak het bord en de materialen leeg.
  • Breng de stiften terug.
  • Zet het klaslokaal weer in de oorspronkelijke opstelling.
  • Berg het werk van de leerlingen op of lever het op de juiste manier in.

NOTITIES

Klassenmanagement
  • Deel plakbriefjes pas uit op het moment van schrijven.
  • Stel zichtbare tijdslimieten in voor elke fase.
  • Houd de groepsgrootte klein om deelname te garanderen.
Uitbreidingen & Tussendoor-activiteiten
  • Vereis dialoog in de definitieve versie.
  • Voeg een geheim voorwerp toe dat in het midden moet voorkomen.
  • Voer een regel in dat de held niet in het begin mag verschijnen.
Differentiatie
  • Jongere leerlingen: Sta tekenen toe vóór het schrijven, geef zinstarters.
  • NT2/Toegankelijkheid: Bied woordenschatondersteuning, sta mondeling vertellen toe vóór het schrijven.
  • Veiligheid: Houd de bewegingen gecontroleerd tijdens het rollenspel.

Bijlagen

6.3 Het is van mij!

Activiteitstype Simulatie • Geheugenspel • Teamcompetitie

Duur 45 minuten

Groepering Kleine teams (3–4 leerlingen) + momenten met de hele klas

Beschrijving

In deze activiteit simuleren leerlingen het minen van Bitcoin door speelkaarten te gebruiken als hashes en vocabulairekaarten als transacties. Teams draaien kaarten om om gelijke paren te vinden. Wanneer ze twee identieke kaarten vinden, zeggen ze: “Het is van mij.” Een geldig paar geeft toegang tot de mempool, waar ze één Bitcoin-vocabulairekaart mogen pakken. Woorden worden gegroepeerd in blokken en tellen pas mee na bevestiging. Het aantal kaarten in de mining pool geeft de moeilijkheidsgraad aan en wordt tussen de rondes aangepast. De eindscore wordt berekend door het totale aantal letters te tellen in de bevestigde woorden die in de wallet van elk team zijn opgeslagen.

Leerdoelen

Aan het einde van deze activiteit kunnen leerlingen:

  • Uitleggen dat minen herhaalde pogingen vereist
  • Beschrijven hoe de moeilijkheidsgraad kan stijgen of dalen
  • Begrijpen dat transacties worden gegroepeerd in blokken
  • Herkennen dat bevestiging voorafgaat aan eigendom
  • Inzicht krijgen in de relatie tussen inspanning en beloning
Materialen
  • 1–2 kaartspellen
  • 40–60 Bitcoin-vocabulairekaarten (Zie Bijlage A)
  • 1 envelop per team met het label WALLET
  • 1 grote envelop met het label BLOCK
  • Bordjes met de labels MEMPOOL en MINING POOL
  • Handig om te hebben: Stickers of stempels voor bevestiging, whiteboard om scores bij te houden
Benodigdheden
  • Timer
  • Tafel of vloeroppervlak om kaarten neer te leggen
  • Handig om te hebben: Bel of signaal voor blokvoltooiing

PROCEDURE

OPENING 
  1.  Bespreek kort de belangrijkste begrippen: hash, minen, blok, wallet, moeilijkheidsgraad.
  2. Houd de uitleg kort en concreet.
  3. Leg uit dat ze vandaag ‘werk moeten bewijzen’ voordat ze woorden verdienen.
VOORAFGAANDE ACTIVITEIT

5 minuten

  1. Leg 20 speelkaarten met de beeldzijde naar beneden in een raster. Leg uit: Twee identieke kaarten = geldige hash.
  2. Als je een paar vindt, zeg dan duidelijk: “Het is van mij.”
  3. Laat zien hoe je twee kaarten omdraait en ze teruglegt als ze niet overeenkomen.

Doel in de woorden van de leerling

  •  “Ik vind een gelijk paar en zeg ‘Het is van mij’ om een woord voor mijn wallet te verdienen.”
ACTIVITEIT

30 minuten

Opzet

  1. Verdeel de leerlingen in teams van 3–4.
  2. Geef elk team een WALLET-envelop.
  3. Leg alle woordkaarten met de beeldzijde naar beneden in het MEMPOOL-gebied.
  4. Leg de BLOCK-envelop vooraan.

Uitvoeren

  1. Gebruik 20 kaarten in de mining pool.
  2. Teams zijn om de beurt aan de beurt om twee kaarten om te draaien.
  3. Als ze overeenkomen, zeggen ze: “Het is van mij.”
  4. Ze verzamelen één woord uit de mempool.
  5. Ze moeten het correct voorlezen om het tijdelijk te mogen houden.
  6. Na 6–8 minuten stopt de ronde.
  7. Als er te veel woorden zijn gemined, verhoog dan de moeilijkheid door meer kaarten toe te voegen. Als er te weinig zijn gemined, verlaag dan de moeilijkheid door kaarten te verwijderen.
  8. Zeg eenvoudig: “Als het minen te snel gaat, maken we het moeilijker. Als het minen te langzaam gaat, maken we het makkelijker.”

Uitvoeren

  1. Aan het einde van elke ronde verzamel je alle verdiende woorden in de BLOK-envelop.
  2. Kondig aan: “Blok voltooid.”
  3. Geef bevestigde woorden terug aan de portemonnee van elk team.
  4. Alleen bevestigde woorden tellen mee.
NAZORG

4 minuten

  • Wat gebeurde er toen we meer kaarten toevoegden?
  • Was het moeilijker om paren te vinden?
  • Heb je minder woorden verdiend?
  • Gaven langere woorden hogere scores?
  • Volgde iedereen dezelfde regels?
AFSLUITEN
  • Verzamel en tel alle speelkaarten en stop ze terug in de volledige decks.
  • Verzamel alle woordkaarten, maak de portemonnees en de blok-envelop leeg, en stapel alles netjes op.
  • Ruim het mininggebied op, wis het bord en controleer op losse kaarten onder tafels en stoelen.

NOTITIES

Klasmanagement
  • Slechts één team draait tegelijk kaarten om
  • Geen kaarten aanraken als je niet aan de beurt bent
  • Woorden moeten duidelijk hardop worden voorgelezen
  • Kaarten moeten netjes worden teruggelegd als ze niet overeenkomen
Uitbreidingen & Tussendoor-activiteiten
  • Introduceer een halvering: na een bepaalde tijd verdient elke geldige hash alleen nog elk tweede woord
  • Laat alleen rode kaartparen toe voor geldige hashes
  • Geef een bonus als een team drie paren in één ronde mined
Differentiatie
  • Jongere leerlingen: De woordkaarten direct in de mining pool gebruiken kan het makkelijker maken.
  • NT2/Toegankelijkheid: Voeg afbeeldingen toe aan de woordkaarten. Sta toe dat klasgenoten helpen met voorlezen.
  • Veiligheid: Zorg voor voldoende ruimte rond de mining pool. Niet rennen.

Bijlagen

↑ Terug naar inhoudsopgave