Module 1 van 10

Wat is geld?

1.0 Inleiding

Geld is een van de grootste instrumenten van vrijheid die ooit door de mens zijn uitgevonden.
Friedrich Hayek

Welkom bij het Bitcoin Diploma. In deze module gaan we de fundamentele vraag onderzoeken waarom geld essentieel is in ons leven. We bekijken de aard van geld en de verschillende vormen ervan, met als doel een dieper begrip te krijgen van het belang ervan.

Geld is iets wat we elke dag gebruiken, maar begrijpen we eigenlijk waarom we het nodig hebben en wat het precies is?

  • Waarom ruilen mensen hun tijd voor geld?
  • Waarom hebben sommige mensen er meer van dan anderen?
  • Waarom is geld anders in andere landen?
  • Waarom kunnen we niet gewoon meer geld maken als we het nodig hebben?

1.1 Discussies over geld

Laten we beginnen met het beantwoorden van de volgende vijf vragen.

Denk aan praktische toepassingen zoals het verkrijgen van basisbehoeften zoals voedsel en gewenste spullen. Probeer specifiek te zijn in je voorbeelden en zoek een balans tussen creativiteit en realisme.

Waarom hebben we geld nodig?
Wat is geld?
Wie controleert het geld?
Wat geeft geld zijn 'waarde'?
Welke vragen heb je over geld?

Breid de discussie uit naar de groep door lijsten te delen en te vergelijken om de vijf belangrijkste redenen te vinden waarom we geld nodig hebben. Zoek naar overeenkomende ideeën binnen de klas. Denk na over je eigen unieke ideeën die niet op de lijst staan maar toch waardevol zijn, en noteer deze.

Discussie: Waarom hebben we geld nodig?

Verdeel in groepen en:

  • Deel en bespreek de antwoorden op de eerste vier vragen. Schrijf de favoriete antwoorden op.
  • Deel de antwoorden op de laatste vraag en stem op één favoriete vraag. Noteer het resultaat.
  • Kom aan het einde van de cursus terug op de antwoorden en vragen.

Nu je een duidelijker beeld hebt van waarom geld nodig is, zullen de komende modules onderzoeken wat geld is, hoe het zich door de tijd heeft ontwikkeld, wie er invloed op heeft, en de nieuwste vorm ervan. Blijf tijdens de lessen teruggrijpen op je lijsten van deze eerste dag om verbanden te leggen tussen je inzichten en de evolutie van het ontstaan, de definitie en het gebruik van geld door de tijd heen.

Discussie: Wat is geld?

  • Eet het snoepje dat op je bureau ligt nog niet op, alsjeblieft.
  • Wie zou bereid zijn zijn of haar snoepje te ruilen voor een biljet van €1?
  • Houd je hand omhoog als je nog steeds bereid zou zijn je snoepje te ruilen voor een €1 monopolybiljet in plaats van je snoepje.
  • Waarom wel of niet?
  • Wat maakt het ene biljet zo gewild en het andere waardeloos?
  • Wat geeft geld zijn 'waarde'?
  • Waar komt geld vandaan en wie beslist hoeveel ervan gedrukt wordt?
  • Waarom drukken we niet gewoon meer geld en verdelen we het gelijk onder iedereen?

1.2 Definitie van geld

Geld is een garantie dat we in de toekomst kunnen krijgen wat we willen. Ook al hebben we op dit moment niets nodig, het zorgt ervoor dat we een nieuwe wens kunnen vervullen zodra die zich aandient.
Aristoteles

Heb je ooit stilgestaan bij wat geld eigenlijk is? Of je afgevraagd wat geld… nou ja, geld maakt? De meesten van ons weten hoe we het moeten gebruiken, maar niet veel mensen begrijpen waar het vandaan komt of hoe het werkt. Geld is in wezen een manier om goederen en diensten uit te wisselen. Het vertegenwoordigt de waarde van deze zaken in een vorm die gemakkelijk verhandeld kan worden. Geld kan vele vormen aannemen, zoals papieren biljetten, munten en elektronische betalingen. Overheden of andere autoriteiten geven meestal geld uit en controleren het, maar geld is zoveel meer dan alleen een fysiek of digitaal ruilmiddel; het is als een universele taal waarmee we kunnen handelen met mensen over de hele wereld, zelfs als we niet dezelfde taal spreken of dezelfde cultuur hebben. Je kunt aan de andere kant van de wereld zijn en toch 'geld spreken' door een product op de toonbank te leggen en het te ruilen voor de lokale valuta of door een betaalkaart te gebruiken.

Geld is als een sociaal contract dat ons in staat stelt om uitwisselingen te doen zonder te hoeven ruilen of iemand te vinden die precies wil wat wij te bieden hebben. Als een groep mensen chocolade als betaling voor de meeste goederen en diensten zou accepteren, zou chocolade geld worden (hoewel het, omdat het in sommige delen van de wereld zou smelten, waarschijnlijk slecht geld zou zijn).

Met andere woorden, geld zelf heeft niet de kracht om menselijke verlangens te bevredigen; het is slechts een hulpmiddel dat ons in staat stelt efficiënter te handelen.

Geld vertegenwoordigt de waarde WAARMEE goederen worden uitgewisseld. Geld IS NIET de waarde WAARVOOR goederen worden uitgewisseld.

Een transactie is een uitwisseling of overdracht van goederen en diensten. Het is een manier om waarde uit te wisselen tussen twee of meer partijen.

Er zijn veel verschillende soorten transacties, variërend van eenvoudige uitwisselingen (zoals het kopen van een broodje bij de lunchroom) tot meer complexe financiële transacties (zoals het kopen van een huis of investeren in st

Transacties kunnen persoonlijk, telefonisch, online of op andere manieren worden uitgevoerd, en ze kunnen een breed scala aan partijen omvatten, waaronder particulieren, bedrijven en financiële instellingen.

Geld vergemakkelijkt handel omdat iedereen het accepteert als definitieve betaling. Het stelt ons ook in staat om waarde te meten en verschillende goederen en diensten met elkaar te vergelijken.

1.3 Functies van geld

Geld vervult slechts een tijdelijke functie bij een ruil; en wanneer de transactie uiteindelijk is afgerond, zal altijd blijken dat het ene soort goed is geruild voor het andere.
Jean-Baptiste Say

Als het gaat om het kopen en verkopen van goederen en diensten, is geld de hoofdrolspeler. Geld vervult verschillende belangrijke functies in de wereld, zoals:

Waardevastheid

Geld moet zijn waarde in de loop van de tijd behouden, waardoor het nuttig is als middel om de waarde van menselijke arbeid te sparen en te investeren. Dit stelt mensen in staat om geld te gebruiken om voor de toekomst te plannen. Dus, de volgende keer dat je spaart voor iets speciaals, onthoud dan dat geld meer is dan alleen een manier om dingen te betalen — het is een hulpmiddel om je te helpen plannen en investeren in je toekomst.

BTC (USD) Goud (USD) USD (EUR)
14 maart 2019 $3.846 $1.293 €0,8817
14 maart 2020 $5.258 $1.529 €0,90056
Winst/Verlies +36,71% +18,25% +2,14%
Ruilmiddel

Met geld hoef je niet iemand te vinden die precies wil wat jij te ruilen hebt. In plaats daarvan kun je geld gebruiken om alles te kopen en verkopen wat je wilt. Dit maakt handel en commercie veel handiger en efficiënter.

Rekeneenheid

Geld biedt een universele standaard om waarde te meten, waardoor mensen de prijs van verschillende goederen en diensten kunnen uitdrukken en vergelijken. Dit zorgt voor een efficiëntere en transparantere markt, waarin mensen weloverwogen beslissingen kunnen nemen over wat ze kopen en verkopen.

Als je een nieuwe auto wilde kopen, zou je prijzen van verschillende dealers kunnen vergelijken en een weloverwogen beslissing kunnen nemen over welke je koopt op basis van de prijs in euro's. Zonder een rekeneenheid zou je de waarde van de ene auto met de andere moeten proberen te vergelijken aan de hand van iets anders, zoals het aantal koeien dat het waard was of de tijd die het kostte om de auto te maken.

Deze drie functies maken het mogelijk dat economieën complex en dynamisch worden. Zonder geld zou het veel moeilijker zijn om goederen en diensten te kopen en verkopen, en zou onze economie veel minder ontwikkeld zijn.

Mensen begrijpen de waarde van iets wanneer het een prijs in geld heeft.

Oefening: Van welke geldfunctie is dit een voorbeeld?

  • Evert besloot een deel van zijn wekelijkse loon te sparen om een puppy te kopen
  • Arjan koopt twee stukken pizza voor €8,30
  • Mark twijfelt of hij concertkaartjes voor €75 zal kopen of een skipas voor €95

1.4 Eigenschappen van geld

Geld werkt goed alleen als het bepaalde belangrijke eigenschappen heeft. Het moet bruikbaar zijn om mee te kopen en verkopen (ruilmiddel), om te sparen voor later (waardeopslag), en om prijzen te meten (rekeneenheid). Deze eigenschappen maken geld betrouwbaar en belangrijk.

  • Duurzaamheid verwijst naar het vermogen van geld om fysieke slijtage te weerstaan en lang mee te gaan. Dit zorgt ervoor dat geld in de economie kan circuleren in een acceptabele en herkenbare staat. Goud is een duurzaam materiaal dat bestand is tegen slijtage, waardoor het een goed voorbeeld is van de duurzaamheid van geld.
  • Deelbaarheid verwijst naar het vermogen van geld om verdeeld te worden in kleinere eenheden, zodat mensen het kunnen gebruiken om aankopen van verschillende bedragen te doen. Papieren biljetten kunnen gemakkelijk worden verdeeld in kleinere coupures, waardoor ze een goed voorbeeld zijn van de deelbaarheid van geld.
  • Draagbaarheid verwijst naar het gemak waarmee geld kan worden vervoerd en meegenomen. Dit stelt mensen in staat om geld te gebruiken om goederen en diensten te kopen en verkopen zonder moeite. Creditcards zijn draagbaar, omdat ze gemakkelijk in een portemonnee of tas kunnen worden meegenomen, waardoor ze een goed voorbeeld zijn van de draagbaarheid van geld.
  • Acceptatie verwijst naar de brede acceptatie van geld als betaalmiddel, zodat mensen het met vertrouwen kunnen gebruiken om goederen en diensten te kopen en verkopen. De euro wordt in veel landen geaccepteerd als betaalmiddel, waardoor het een goed voorbeeld is van de acceptatie van geld.
  • Schaarste verwijst naar hoe moeilijk het is om meer eenheden van het geld te maken, wat helpt om de waarde te behouden en voorkomt dat we meer geld moeten uitgeven om dezelfde hoeveelheid goederen te kopen. Postzegels voor verzamelaars, vooral zeldzame en waardevolle exemplaren, kunnen een goede vorm van geld zijn omdat ze schaars zijn en in waarde kunnen stijgen. Verzamelaars gebruiken hun postzegels vaak als een manier om hun vermogen te investeren en hun portefeuille te diversifiëren.
  • Fungibiliteit verwijst naar de inwisselbaarheid van geld, zodat één eenheid geld gelijk is aan een andere eenheid van dezelfde waarde. Geld moet uniform zijn. Koperen munten zijn uniform in grootte en gewicht, waardoor ze een goed voorbeeld zijn van de uniformiteit van geld. Eén cent is altijd één cent.

Oefening

Verschillende bezittingen hebben verschillende eigenschappen en vervullen de functies van geld in verschillende mate. De samenleving bepaalt uiteindelijk welk bezit als geld wordt gebruikt, op basis van hoe goed een bepaald goed deze functies vervult.

Om te bepalen hoe goed verschillende items voldoen aan de specifieke kenmerken van geld, kun je elk item hieronder een score geven van 1 tot 5 voor elke eigenschap (0 = Slecht; 3 = Oké; 5 = Uitstekend).

Door de scores van elk item op te tellen, zie je welk item het meest geschikt is om als geld te dienen.

Gebruik de volgende vragen om te bepalen hoe goed de verschillende items in de tabel voldoen aan de eigenschappen van geld.

  • Duurzaamheid: Kan het geld slijtage door de tijd weerstaan?
  • Draagbaarheid: Kan het geld gemakkelijk worden vervoerd en gebruikt op verschillende locaties?
  • Fungibiliteit: Is het geld inwisselbaar met andere vormen van geld?
  • Acceptatie: Wordt het geld op grote schaal geaccepteerd als betaalmiddel?
  • Schaarste: Is het geld schaars en moeilijk om meer van te maken?
  • Deelbaarheid: Kan het geld worden verdeeld in kleinere eenheden?
Koeien Pittige saus Diamanten Papiergeld Bitcoin
Duurzaam
Draagbaar
Uniform
Acceptabel
Schaars
Deelbaar
Totaal

* Vul de kolom voor Bitcoin alsjeblieft nog niet in; we komen hier later in de cursus op terug.

1.5 Soorten geld

Geld kan worden onderverdeeld in twee hoofdcategorieën: fysiek en digitaal.

Fysiek geld
  • Goederen-geld, wat een fysiek object is dat algemeen wordt gewaardeerd en geaccepteerd als ruilmiddel.
    • Voorbeelden: Goud, zilver en zelfs buskruit hebben ooit als goederen-geld gediend.
  • Vertegenwoordigd geld, wat een claim vertegenwoordigt op een fysieke grondstof.
    • Voorbeeld: Zilverbewijzen konden worden ingewisseld voor zilver.
  • Fiatgeld, wat de papieren biljetten en munten zijn die door overheden worden uitgegeven en geaccepteerd als ruilmiddel.
    • Voorbeeld: Federal Reserve-biljetten zijn fiatgeld, door de federale overheid aangewezen als een acceptabele manier om schulden te betalen.
Digitale valuta

Digitale valuta kunnen worden gebruikt voor online transacties en omvatten elektronisch geld, stablecoins en cryptovaluta.

Elektronische valuta zijn digitale versies van traditionele valuta zoals euro’s. Ze worden gebruikt voor online betalingen via systemen die betaalrails worden genoemd, waarmee geld van de ene naar de andere plek wordt verplaatst.

In het traditionele financiële systeem zijn deze betaalrails afhankelijk van tussenpersonen zoals banken. Deze tussenpersonen rekenen kosten en hebben de macht om transacties goed te keuren, te vertragen of terug te draaien.

Veelvoorkomende voorbeelden van deze systemen zijn kaartnetwerken, die debet- en creditcardbetalingen verwerken, en digitale portemonnees, die geld opslaan en gebruikers in staat stellen betalingen te verzenden en te ontvangen.

  • Digitale valuta van centrale banken (CBDC’s): Digitale versies van de nationale munt, uitgegeven en gecontroleerd door de centrale bank.
  • Stablecoins: Digitale valuta die ontworpen zijn om een stabiele waarde te behouden, meestal gekoppeld aan een actief zoals de Amerikaanse dollar.
  • Cryptovaluta: Een type digitale valuta. Sommige zijn gedecentraliseerd, wat betekent dat geen enkele groep ze controleert, terwijl andere meer gecentraliseerd zijn.

Een belangrijk idee achter sommige digitale valuta is het verwijderen van tussenpersonen. Dit kan transacties efficiënter maken en de concentratie van macht verminderen. Het doel is een systeem te creëren dat meer werkt als het internet, waarbij de controle wordt gedeeld in plaats van door één enkele autoriteit te worden gehouden.

1.6 De psychologie van geld

Stel je voor dat je gestrand bent in een woestijn en je hebt nog maar één fles water over. Je hebt dorst en bent wanhopig op zoek naar een slok, maar je weet ook dat je het water nodig zult hebben om te overleven tot je meer kunt vinden. Dit is een klassiek voorbeeld van schaarste: je hebt een beperkte hoeveelheid van een hulpbron (water) en je moet keuzes maken over hoe je deze het beste kunt gebruiken.

In deze situatie kun je besluiten om het water te rantsoeneren en kleine slokjes te nemen over een langere periode, zodat het zo lang mogelijk meegaat. Je kunt er ook voor kiezen om alles in één keer op te drinken, zodat je dorst even gelest is, maar deze korte hydratatie is misschien niet genoeg om later de energie te hebben om meer water te vinden. Welke keuze je ook maakt, je staat voor een moeilijke beslissing.

Schaarste geldt voor alle hulpbronnen, niet alleen voor water. Of het nu om geld, tijd of zelfs liefde en aandacht gaat, we staan voortdurend voor keuzes over hoe we onze beperkte middelen verdelen.

Schaarste dwingt ons om de voor- en nadelen van het gebruik van onze middelen af te wegen en om concessies te doen.

Er zijn twee soorten schaarste
  • Kunstmatige schaarste, ook wel gecentraliseerde schaarste genoemd, omvat dingen zoals limited edition designer tassen, zeldzame sportkaarten en genummerde kunstwerken. Deze kunnen gemakkelijk
  • Natuurlijke schaarste, ook wel gedecentraliseerde schaarste genoemd, omvat dingen zoals huizen aan zee en edelmetalen zoals goud. Deze zijn moeilijker te repliceren of te vervalsen.

Het belangrijkste verschil tussen de twee is controle.

Gecentraliseerde schaarste wordt bepaald door één entiteit, zoals een bedrijf of de overheid, terwijl gedecentraliseerde schaarste door niemand wordt gecontroleerd. Een voorbeeld van gecentraliseerde schaarste is die van luxe, gelimiteerde modeartikelen, zoals tassen of sneakers: het zou het bedrijf vrijwel niets kosten om 1.000 extra exemplaren te produceren, maar de hoge prijs wordt bepaald door deze kunstmatig opgelegde schaarste. Het is de controle van het bedrijf over het aantal stuks die de waarde bepaalt. Daarentegen is de enige manier om zout, schelpen of goud te vinden en te benutten door een aanzienlijke hoeveelheid moeite en energie (of 'werk') te investeren. In het geval van deze natuurlijk schaarse middelen, is die investering alleen economisch zinvol als het eindproduct zeer gewaardeerd wordt.

Niemand bepaalt de prijs van een natuurlijk voorkomende hulpbron om de prijs te beïnvloeden, maar het werkt juist andersom: het is de vraag naar dat goed op de markt die bepaalt of het de moeite waard is om er energie in te steken om er meer van te winnen.

Schaarste beïnvloedt onze keuzes. Door het te begrijpen kunnen we betere beslissingen nemen: we staan vaak voor de keuze tussen directe voordelen en langetermijnwinst, en deze afwegingen bepalen onze weg naar het bereiken van onze doelen.

Voorbeeld van tijdsvoorkeur

Je hebt de keuze om vandaag €100 te ontvangen of €110 over een jaar. Als je een hoge tijdsvoorkeur hebt, kies je misschien voor de €100 vandaag omdat je het belangrijker vindt om het geld nu te hebben dan om een jaar te wachten op die extra €10. Aan de andere kant, als je een lage tijdsvoorkeur hebt, wacht je liever op de grotere beloning omdat je meer gericht bent op langetermijnplanning en minder op directe bevrediging.

Tijdsvoorkeur verwijst naar het idee dat mensen over het algemeen liever iets NU hebben dan later.

Terugkomend op het eerdere voorbeeld van de fles water in de woestijn: als je al het water meteen opdrinkt, ook al betekent dat dat je later niets meer over hebt, laat je een hoge tijdsvoorkeur zien: de dorst die je op dat moment voelt is zo dringend dat je de dorst die je in de toekomst misschien zult voelen, negeert om je huidige dorst te stillen. Dit is volkomen natuurlijk: we geven meestal de voorkeur aan directe bevrediging boven huidige ontbering voor een toekomstig voordeel, omdat de toekomst altijd onzeker is.

Proberen het water te rantsoeneren door telkens kleine slokjes te nemen, laat daarentegen een lagere tijdsvoorkeur zien en een rationele verdeling van een schaarse hulpbron. Dit betekent dat je bereid bent om je dorst nu niet volledig te lessen om je overlevingskansen op de lange termijn te vergroten. Dit gaat niet vanzelf en vereist veel inspanning, zelfbeheersing en toekomstgerichtheid.

Alternatieve kosten verwijzen naar de waarde van het op één na beste alternatief dat je opgeeft wanneer je een beslissing neemt. Elke beslissing brengt afwegingen met zich mee, en dus heeft elke beslissing alternatieve kosten.

In het woestijnvoorbeeld zijn de alternatieve kosten van al het water meteen opdrinken de overlevingsvoordelen die je had kunnen behalen door het water te rantsoeneren en over een langere periode te gebruiken.

Stel dat je besluit het water te rantsoeneren en kleine slokjes te nemen over een langere periode. Daardoor heb je de energie en hydratatie die je nodig hebt om naar meer water te zoeken. Tijdens je zoektocht kom je een cactus tegen die een beetje water bevat. Het is niet veel, maar genoeg om je dorst voor het moment te lessen. Als je al je water in één keer had opgedronken, had je misschien niet de energie gehad om naar meer water te zoeken en de cactus te vinden.

In dit geval zouden de alternatieve kosten van al je water in één keer opdrinken de kans zijn geweest om de cactus te vinden en meer vocht binnen te krijgen.

Dit voorbeeld laat zien dat alternatieve kosten niet alleen gaan over de directe afweging tussen twee opties, maar ook over de mogelijke toekomstige kansen die we kunnen winnen of verliezen als gevolg van onze keuzes.

Onze bereidheid om een grotere beloning in de toekomst op te geven in ruil voor een kleinere beloning nu, wordt beïnvloed door onze tijdsvoorkeur, oftewel hoeveel waarde we hechten aan directe bevrediging versus langetermijnplanning.

Activiteit: Tijdsvoorkeur

  1. Luister naar de uitleg van de docent over de keuze met het snoepje.
  2. Bepaal of je nu een klein snoepje of spekje wilt ontvangen, of dat je wilt wachten tot het einde van de les om twee snoepjes of een groter, aantrekkelijker snoepje te krijgen.
  3. Maak je keuze kenbaar aan de docent. Ontvang je snoepje direct of aan het einde van de les, afhankelijk van je beslissing.
  4. Doe mee aan het klassengesprek over de activiteit en denk na over je besluitvormingsproces en het concept van tijdsvoorkeur.
Conclusie en Discussie
  • Welke factoren hebben jouw beslissing beïnvloed om het snoepje nu te nemen of te wachten op een grotere beloning later?
  • Hoe voel je je over je beslissing nu de activiteit voorbij is?
  • Kun je voorbeelden uit het echte leven bedenken waarbij een hoge tijdsvoorkeur schadelijk kan zijn en een lage tijdsvoorkeur juist voordelig?
  • Wat zijn mogelijke gevolgen van het kiezen voor een hoge tijdsvoorkeur boven een lage tijdsvoorkeur?
Bronnen
What is Money?
Bekijk deze korte video!

↑ Terug naar inhoudsopgave